De Zambianen zullen je hart stelen! Leer de mensen en hun dromen kennen tijdens een werkvakantie en geniet ondertussen van de schoonheid van het land. Werk hand in hand met de partnerorganisaties CCAP of MCC aan een enorme verbetering van het onderwijssysteem en daarmee de vooruitzichten van de kinderen.


Werkvakanties in Zambia

Geschiedenis | Politiek & economie | Klimaat & landschap | Cultuur

Vlag van Zambia

In Zambia ondersteunt World Servants sinds 1999 diverse gemeenschappen in het Mkushi district. Het gaat hierbij om onderwijs- en gezondheidszorgprojecten zoals de bouw van scholen en klinieken. Daarnaast bouwen we ook woningen voor de bijbehorende lokale stafmedewerkers, zodat ze voor hun werk niet meer kilometers hoeven te reizen op slecht begaanbare wegen. Zo kunnen zij gemakkelijker hun beroep uitoefenen. 

Hoofdstad: Lusaka
Oppervlakte: 752.614km²
Aantal inwoners: 15.972.000
Tijdsverschil zomer: geen
Temperatuur: 23 graden
Taal: Engels is de officiële taal; daarnaast kent Zambia 46 andere talen
Religie: christendom
Munteenheid: Zambiaanse kwacha
Regeringsvorm: presidentiële republiek

Zambia ligt in zuidelijk Afrika, globaal bekeken begrensd door Congo in het noorden, Malawi in het oosten, Zimbabwe in het zuiden en Angola in het westen. De belangrijkste inkomstenbron is koper, dat vooral gewonnen wordt in de centrale provincie Copperbelt. Het toerisme in Zambia is voornamelijk geconcentreerd rond Livingstone in het zuiden. 54% van de bevolking van Zambia leeft volgens de VN onder de armoedegrens.

Geschiedenis

Oorspronkelijk werd Zambia bewoond door inheemse jagers en verzamelaars zonder vaste woonplaats, die leefden van de noten en fruit en van de jacht. In ongeveer de vierde eeuw na Christus kwamen de meer ontwikkelde Bantoesprekende immigranten vanuit het noorden het land binnen. Zij bebouwden het land, hielden vee, bewerkten metalen en maakten aardewerk. Ze leefden in kleine gemeenschappen en vestigden zich op een vaste plaats. In deze periode werden verschillende stammen gevormd.

Vanaf de twaalfde eeuw kwam er internationale ruilhandel in katoen, ivoor en koper op gang in Zambia. De bevolking nam toe en er ontstonden politieke eenheden waaruit in de 16e eeuw koninkrijken ontstonden: Chewa in het oosten, de Lozi in het zuidwesten en de Memba en Lunda in het noorden van het land. Kleinere stammen werden vaak verdreven door de uitbreiding van deze grotere stammen. Hoewel de Europeanen al vanaf deze periode naar Afrika kwamen, bereikten ze pas in de 19e eeuw de binnenlanden van Zambia, toen David Livingstone het land bezocht. Hij was de eerste Europeaan die de grote watervallen aan de Zambezi rivier zag en vernoemde ze naar de Engelse koningin, Victoria. De stad vlakbij de watervallen is naar Livingstone zelf vernoemd. In dezelfde periode floreerde de slavenhandel ook in Zambia, doordat sommige stammen andere Afrikanen verhandelden in ruil voor Europese goederen. Livingstone wilde de bevolking bekeren en een eind maken aan de slavernij door deze te ruilen voor handel in katoen en ivoor. Dit plan mislukte helaas.

Aan het eind van de 19e eeuw kwam The British South African Company, onder leiding van Cecil Rhodes, naar Centraal-Afrika om grondstoffen te delven. Toen de Britten eenmaal begonnen met het delven van grondstoffen, namen ze het gebied langzaam maar zeker over. Zambia heeft zwaar geleden tijdens de Eerste Wereldoorlog, omdat vele duizenden Zambianen in het Britse leger werden ingezet om te vechten. Ook werd er veel graan en vee in beslag genomen.  In 1924 werd Zambia een speciaal protectoraat van Groot-Brittannië, onder de naam Noord-Rhodesië. De lokale leiders en ‘chiefs’ behielden wel het gezag over hun eigen mensen. 

Halverwege de twintigste eeuw klonk in heel Afrika de roep om onafhankelijkheid. Ook in Noord-Rhodesië was er veel onrust, omdat de Afrikaanse bevolking meer politieke inspraak wilde hebben. In 1962 wonnen twee Afrikaanse nationalistische partijen samen een meerderheid in het parlement.  Al snel kwamen er voorstellen voor volledig zelfbestuur, een nieuwe grondwet en meer democratie. Noord-Rhodesië werd op 24 oktober 1964 onafhankelijk en kreeg de naam Zambia. Ondanks de vele grondstoffen die het land rijk is, was het nog niet zo gemakkelijk om onafhankelijk te zijn. Er waren weinig capabele en opgeleide Zambianen om het land te besturen en de economie was grotendeels afhankelijk van buitenlandse expertise. 

Politiek & economie

Zambia werd een republiek toen het land onafhankelijk werd, de president is staatshoofd en regeringsleider. Toen in 1996 een nieuwe grondwet werd aangenomen, kreeg het land een meerpartijenstelsel en werden de bevoegdheden van de president beperkt. De president kan slechts één keer herkozen worden en beide ouders moeten van Zambiaanse afkomst zijn. 

Een groot deel van de Zambiaanse staatschuld werd in het jaar 2000 door een aantal ontwikkelde landen kwijtgescholden. Mede hierdoor kon de economie aan het begin van de 21e eeuw snel groeien. Koperwinning is nog altijd de belangrijkste industrie in Zambia, maar ook de mijnindustrie van zilver, zink, kobalt en lood vormen een belangrijke inkomstenbron. Zambia heeft ook veel potentie voor een groeiende toeristenbranche. Desondanks is het land nog steeds erg arm. Door HIV/aids is de beroepsbevolking van Zambia enorm uitgedund en zijn er weinig vakmensen. De leeftijdsopbouw is ongelijk: ongeveer 47% van de bevolking is jonger dan vijftien jaar en er zijn nauwelijks ouderen. 

Klimaat & landschap

Vanwege de vrij hoge ligging heeft Zambia een aangenamer klimaat dan veel andere tropische landen. Er zijn drie seizoenen: koel en droog van mei tot en met augustus; heet en droog van september tot november; en het warme regenseizoen dat duurt van december tot en met april. Alleen in de lage gebieden Zambezi en Luangwa kan het ongekend heet worden. In de rest van Zambia is het gemiddeld 22 graden. Over het algemeen is juli de koelste en oktober de warmste maand. ’s Nachts kan de temperatuur dalen tot het vriespunt. 

Twee van de  grootste rivieren van Afrika, de Zambezi en de Congorivier, ontspringen in Zambia. Een groot deel van Zambia is begroeit met kleine bomen, veel verschillende soorten planten, cactussen en klimplanten. Ook vind je enkele moerasgebieden in Zambia. Dieren die je kunt aantreffen in Zambia zijn Afrikaanse olifanten, neushoorns, zebra’s, wrattenzwijnen, buffels, leeuwen, panters, hyena’s en giraffen. Helaas worden veel van deze diersoorten bedreigd door de vele stropers.

Cultuur

De Zambiaanse cultuur is een mix van waarden en normen, materialen en spirituele tradities van meer dan zeventig verschillende etnische groepen. De westerse cultuur heeft tijdens de koloniale periode veel invloed gehad op de vorming van een gezamenlijke Zambiaanse cultuur. Op het platteland houden veel inwoners echter nog vast aan huntraditionele gebruiken. Veel Zambianen horen bij een bepaalde stam. De ‘chief’ van een stam heeft traditioneel nog veel gezag. Dit zie je vooral terug in de kleine dorpen.

Muziek en dans maken een belangrijk deel uit van de cultuur van Zambia. De muziek kent vaak een sterk ritme en gaat vaak gepaard met acrobatiek. Er wordt veel gebruik gemaakt van drums, maar ook van de traditionele handpiano.